Ontwaken.
Het ontbreken van een persoonlijk centrum. De grens tussen “mij” en de rest van het universum lost, steeds weer, op. Woorden, herinneringen, mijn naam en zelfs het concept “mens zijn” verdwijnen daarbij.
Een diepe ervaring dat alles één is. Er is geen angst, verlangen of lijden, alleen een pure staat van zijn. Deze staat sterft niet en wordt niet geboren en is altijd aanwezig.
Dit gaat gepaard met een gevoel van kosmische liefde, vrede of een “thuiskomst.” Het lichaam is regelmatig in een extatische toestand zonder oorzaak.
Groei.
Er is een persoonlijk centrum en een wereld. Een identificatie met lichaam, denken en voelen.
Een behoefte aan langdurige zorgzame relaties, energie opbouw en zingeving. Op deze gebieden is er een voortdurende groei en uitwisseling met het ontwaakte perspectief.
Angst, verlangen en lijden zijn hierbij steeds openingen naar verschillende eenheidservaringen die steeds dieper “begrepen” kunnen worden. Het denk en voel vermogen verruimt.
Daarnaast zijn er de vele menselijke vaardigheden die ik kan ontwikkelen. Doel is dan “meer leven” en niet gelukkig worden. Leven ervaren als een geschenk.